Bossche kloosters in het Schijndelse landschap

SCHIJNDEL - In de canon van Meierijstad is een gedetailleerd kaartje opgenomen over een aantal Brabantse kloosterorden die vanaf de middeleeuwen hoeven en landerijen hadden liggen in de 13 kernen. We zetten kort de schijnwerper op de vermeldingen van goederen binnen het middeleeuwse Schijndelse landschap te weten de twee Nonnenbossche hoeven, de Baselaarshoef en een hoeve van de Zusters van Orthen. 

De beide hoeven in de Houterd, ook wel Clarissenhoeven of Houterdse Hoeven 1 en 2 genoemd, zijn te relateren aan het Clarissenklooster te ’s-Hertogenbosch, een kloosterorde gesticht op basis van de tweede orde van Sint Franciscus en in 1212 opgericht door een zekere Clara.
Dat klooster was een versterkt huis dat toebehoorde aan een edelman genaamd Gerlach van den Bossche. Die goede man bezat in Schijndel zeker sinds 1304, maar misschien al in de 13de eeuw, op de Houterd een kasteeltje, wat we weten op basis van een veldnaam van enige percelen bekend als ‘het Kasteeltje’ met nog twee hoeven. Na een verdeling van de parochiegrenzen van Schijndel en Berlicum in 1305 werden die beide pachthoeven door edelman Gerlach geschonken aan dat Claraklooster en werden ze omgedoopt tot Nonnenbossche Hoeven welke naam tot op heden is gebleven. Wie veel meer informatie wil raadplegen over dit oude vrouwenconvent zou eens moeten kijken op de site ‘Bossche Encyclopedie’ van Ton Wetzer.
De Baselaarshoef wordt altijd genoemd in relatie met de Boschweg maar een exacte locatie hebben tot op heden helaas nog niet kunnen traceren. Rond 1533 is in het oud Schijndels archief sprake van een hoeve ter hoogte van de Schutsboom, waarbij het convent van de Hemelse Poort wordt genoemd of Porta Caeli. De stichting van dat klooster van de ‘Baselaars’ vond plaats aan het einde van de 12de eeuw [1195] door een zekere Winand of Winaldus van Basel. Het werd gevestigd buiten de stadsomwalling van ’s-Hertogenbosch in de buurt die later de Baseldonk zou gaan heten. In de Schijndelse volksmond werd de hoeve van de Baselaars ook wel ‘de Roij Poort’ genoemd. 
Er was buiten de Clarissen nog een vrouwenklooster dat aanzienlijke eigendommen bezat in Schijndel ook sinds de middeleeuwen bekend als ‘de Zusters van Orthen’. De exacte locatie van hun hoeve hebben we ondanks uitgebreid archiefonderzoek nooit kunnen reconstrueren. Een andere benaming van de stichting was ‘Zusters van de Orthenpoort’ en dateert uit 1423. Er verbleven zusters die geen geloften aflegden maar wel een gemeenschappelijk leven leidden. Ze werden ook wel ‘zusters van het gemene leven’ genoemd. Langs de Dieze herinnert een poortgebouw nog aan de orde. Er bestond ook een mannelijke tegenhanger waarvan resten van dat convent nog zijn aangetroffen achter de bekende Louwse Poort. Dit dubbelconvent kreeg in 1435 een kapel gewijd aan enerzijds Sint Andreas en anderzijds Sint Agnes. 
Naast hoeven en landerijen wemelt het in het Schijndelse archief van akten waarin Schijndelse ingezetenen geldelijke verplichtingen hadden in de vorm van erfpachten, cijnzen en dergelijke aan zowel Bossche als kloosters of religieuze instellingen buiten de stad. Die lange lijst zullen we u besparen!

bron: het vrouwenconvent op locatie Hinthamerstraat/Clarastraat [BHIC-collectie fotopersbureau Het Zuiden dd. 16 oktober 1647 [zie Bossche Encyclopedie]; zie ook Schijndels landschap [2003] pag. 44 e.v.

Terug naar het overzicht

Copyright © DeMooiKrant.nl