Michel Krielaars over Isaak Babel

En opnieuw gaat het over Rusland. Nu is het de Grote Terreur onder Stalin waarover Michel Krielaars, voormalig NRC-correspondent in Moskou, een boekje open doet in ‘Alles voor het moederland’. Hoofdrollen zijn daarbij weggelegd voor de Russische schrijvers Isaak Babel en Vasili Grossman. Krielaars tekent een scherp beeld van hun levens tijdens de wrede staatsterreur met zijn talloze slachtoffers eind jaren dertig. Zijn vorige, succesvolle boek ‘Het brilletje van Tsjechov’ (2014), over de Russische schrijver en het Rusland van nu, besprak Krielaars nog eind vorig jaar in Schijndel tijdens de ‘Russische avond’.

De Joods-Russische schrijver Isaak Babel (1894 - 1940) werd als schrijver bekend toen in 1925 zijn meesterwerk ‘De rode ruiterij’ verscheen. Daarin verwerkte hij zijn ervaringen met een kozakkenregiment tijdens de Pools-Russische oorlog. Zijn literaire mentor Maksim Gorki had hem als correspondent daarheen gestuurd. Babels ‘Verhalen uit Odessa’ (1925 - 1937) gaan over zijn joodse jeugd in Odessa,- onder andere hoe hij een pogrom overleefde. Volgens zijn collega Paustovski geloofde Babel, al was hij dan sceptisch, soms zelfs cynisch, “toch in het goede en naïeve van de menselijke ziel.” Toen schrijvers door het communistische regime gedwongen werden de ‘zegeningen’ van de Sovjet-heilstaat te bewieroken, besloot Babel enkel nog “voor de bureaula” te schrijven.    

Vorig jaar zocht Krielaars in Pereldelkino, een voormalige schrijverskolonie nabij Moskou, naar de datsja’s van Babel en Pasternak. Het buitenhuis van Pasternak is al jaren een museum maar de datsja van Babel bleek vervallen tot een ruïne. “Mocht Babel niet worden herdacht?” vraagt Krielaars zich af. Zijn contacten met de vrouw van Nikolaj Jezjov zijn Babel waarschijnlijk fataal geworden. De één meter eenenvijftig lange Jezjov, bijgenaamd ‘De bloedige dwerg’, klom in korte tijd op en werd in 1936 de hoogste baas van de NKVD. “Vanaf dat moment ontpopte hij zich als een radicale uitvoerder van Stalins zuiveringen. Niemand was op den duur zeker van zijn leven. Bekentenissen werden altijd door marteling afgedwongen”, zo omschrijft Krielaars de totale afwezigheid van een rechtsstaat.

Maar ook Jezjov valt bij Stalin in ongenade. Omdat het executeren van vele deskundigen grote gevolgen heeft voor de economie en het bestuur van de Sovjet-Unie keert de Partij zich toch tegen de excessen. Bovendien is Jezjov zo langzamerhand een bedreiging voor Stalin geworden. In april 1939 wordt hij opgepakt op verdenking van het organiseren van een staatsgreep. Er volgt een lawine van arrestaties, waaronder ook Babel. Op 15 mei bellen om vijf uur ’s nachts vijf agenten van de NKVD aan bij zijn huis. Samen met zijn geliefde Nina Pirozjkova wordt hij meegenomen naar de beruchte Loebjanka-gevangenis. Zij komt vrij, maar hij wordt er gemarteld. Zijn proces op 26 januari 1940 duurt slechts twintig minuten. De volgende dag staat hij voor een vuurpeloton. Babels laatste woorden luiden: “Ik werd gedwongen valse beschuldigingen tegen mijzelf en anderen af te leggen…Ik vraag maar één ding - of ik mijn werk mag afmaken.” Zijn dode lichaam smijt men in een massagraf. De executie van Jezjov volgt een week later.

Jan Geerts

Terug naar het overzicht

Copyright © DeMooiKrant.nl