Johan Polak - Een biografie

Johan Polak liep in zijn jeugd en WO II trauma’s op. Zijn joodse moeder Sara Schwarz, zeventien jaar jonger dan zijn vader, was nerveus en ziekelijk, waardoor het vaak stil in huis moest zijn, beklemmend stil. Sara’s vader was mede-eigenaar van essence-fabrieken in Zaandam. De erfenis maakte van Johan (1928 - 1992) een kapitaalkrachtige persoon die in staat was op grote schaal geld te steken in literatuur, favoriete schrijvers en vrienden. Vader Semmy Polak overleed al in 1940.

In de oorlog werd een deel van Johans familie in concentratiekampen vermoord. Met zijn moeder en oudere broer werd hij in juni 1943 naar Westerbork gedeporteerd. Een directeur van de voor Duitsland belangrijke essence-fabrieken wist echter verdere deportatie te voorkomen en hen vrij te krijgen. Moeder en Johan doken daarna samen onder op de Veluwe. Zowel de Jodenvervolging als deze onderduik waren bepalend voor zijn latere leven. Dat hij homoseksueel was en naar eigen zeggen “zo lelijk als een paard” maakte het er bepaald niet gemakkelijker op. Later werd Polak een steunpilaar voor de homo-emancipatie. Op zijn al dan niet seksuele relaties met vrienden, onder wie Reve, Bodar en Siebelink, gaat Koen Hilberdink in zijn recente biografie ‘J. B.W. P. Het leven van Johan Polak’ uitgebreid in. 

Polak speelde als uitgever en boekhandelaar een belangrijke rol in de Nederlandse literaire wereld. Als essayschrijver - zijn bekendste boek is ‘Bloei der decadence’ - kreeg hij vaak negatieve kritieken. Met de linkse, maar door hem geliefde Rob van Gennep richtte de conservatieve Polak in 1962 de uitgeverij Polak & Van Gennep op. Ze brachten vertalingen op de Nederlandse markt van grote schrijvers als Yourcenar, Canetti en Svevo,- dure en daardoor slecht verkoopbare boeken. 
Ook zette Polak in 1966 de nog altijd drukbezochte Athenaeum Boekhandel aan het Spui in Amsterdam op. Wel komisch dat deze zaak van de behoudende Polak een rol ging spelen bij de vernieuwingen van de jaren zestig/zeventig! Als miljonair had Johan Polak weinig interesse in de commerciële kant van het boekenvak. “Hij was systematisch bezig een berg geld om te zetten in een berg boeken”, citeert Hilberdink treffend.

Johan leerde tijdens zijn studie klassieke talen Joop Doorman kennen. Die nodigde hem uit om bij zijn ouders in Rhenen te komen luisteren naar radioconcerten. “Dat waren dierbare momenten; zulke vrienden had Johan niet eerder gehad”, schrijft Hilberdink in zijn boeiende biografie. In de vijftiger jaren was Johan erg bevreesd voor het communisme vanwege mogelijke pogroms tegen de joden. Na de Russische inval in Hongarije in 1956 deed hij “een hysterische poging zijn vrienden te overtuigen van de noodzaak van emigratie”. Alleen Joop Doorman kreeg hij mee in een auto naar Cannes met de bedoeling daar een ‘vluchtboot’ te kopen. Doorman werd later hoogleraar filosofie, onder andere in Eindhoven, waar ook ik nog colleges van hem heb gevolgd. In de jaren tachtig viel Polak ten prooi aan angsten, voortkomend uit zijn jeugd en de oorlog. Troost vond hij bij zijn favoriete dichters, met name Leopold en Boutens.

Jan Geerts

Terug naar het overzicht

Copyright © DeMooiKrant.nl