Heibel in de tent

Op verzoek van Paulus Ekringa, stadhouder van de kwartierschout van Peelland, worden enkele personen uitgenodigd om hun visie te komen geven op de gebeurtenissen ten huize van herbergier Jan Janse Verhagen. De deponenten (degenen die een getuigenis komen afleggen) zijn predikant Petrus Grootvelt en Theodora de Jong en uiteraard de herbergier zelf. Op 15 maart 1760 bezochten laat op de middag een zekere Wouter Jan Dirkx Wouters en Willem Gerit Voets genoemde herbergier. De twee bezoekers raakten al snel verwikkeld in een twistgesprek dat uitmondde in een fikse ruzie waarin ‘questieuse woorden’ werden gesproken. De predikant en zijn vrouw waren daar getuigen van en hadden ook gezien dat Wouter een mes in zijn hand had. De herbergier meende er goed aan te doen die dreigende messentrekker uit voorzorg buiten de deur te werken en die ging acuut op slot. Maar niet voor lang want Wouter wist, al vloekend en tierend, op een of andere manier de deur te forceren waardoor het hang- en sluitwerk het deels begaf. De andere herbergbezoekers zagen het gebeuren en hoorden de messentrekker schreeuwen: “God doijme ik zal alles vermooren watter hier in huijs is!” Er ontstond het nodige tumult en iedereen bemoeide zich met iedereen en men viel als het ware over elkaar heen. De ondervrager wilde weten wie er op dat moment nog meer aanwezig was en volgens insiders waren dat Hugo Verhagen, Gerit Jan Willem Vrensen, Andries van den Oetelaar, Delis van der Aa, Johannis Dirk Voets, Andries Hendrik Verkuijlen, Antony Geven en Peter Voets. De herbergier keek dat lieve leventje eens aan en bedacht zich geen moment, pleegde overleg met predikant Grootvelt, die daarop schuin overstak naar het huis van Groenewalt, de vorster (dienaar der justitie, vergelijkbaar met het begrip veldwachter) van het dorp. Hij klopte op de deur en zei tegen Groenewalt: “Gaat daar eens heenen om dat tumult te stillen en om ongelukken te prevenieren (voorkomen).” Zo gezegd zo gedaan, maar het lukte de vorster niet de deur te openen die door anderen was gebarricadeerd. Door een klein bovenraam nam de vorster toch snel poolshoogte. Hoe die affaire uiteindelijk is afgelopen meldt de akte helaas niet!

bron: BHIC 5122 inv.nr.162 Schepenprotocol 1757-1760 scan 737-742
Op de afbeelding een feestend gezelschap in een oude herberg geschilderd door Adriaen van Ostade (1610-1675).


Henk Beijers belicht in de rubriek ‘Oud Nieuws’ historische feitjes uit Schijndel. Hij doet al sinds 1970 archiefonderzoek en heeft de onderzoeksgegevens gebundeld op zijn website www.henkbeijersarchiefcollectie.nl. Beijers is onder meer coördinator van de historische werkgroep van Heemkundekring Schijndel.

Terug naar het overzicht

Copyright © DeMooiKrant.nl